Sonja Barend - Je ziet mij nooit meer terug

Sonja Barend - Je ziet mij nooit meer terug
NL, 2017, 283 blz.
Gelezen uit de biep

Ik lees de laatste tijd opvallend veel memoires. Misschien omdat ik naar mijn gevoel mijn eigen leven niet helemaal op orde heb. Om er dan achter te komen dat achter de schone schijn er bij vrijwel iedereen wel iets aan schort. 

Zo zag ik Sonja Barend, in de tijd dat ik naar haar populaire praatprogramma's keek, als een succesvolle vrouw die alles mee had en soepeltjes door het leven ging. Nooit had ik vermoed dat deze vrouw altijd met een gat in haar wezen rondliep, een gat dat veroorzaakt werd door de vele vragen rond haar Joodse vader, die in 1943 uit huis werd gehaald en uiteindelijk in Auschwitz is gestorven, en de rol van haar moeder hierin. En de vraag waarom haar moeder haar daarna tot 2 jaar na de oorlog heeft ondergebracht bij haar grootouders in Alkmaar.  Dat Sonja toen nog maar een peuter was en dit niet bewust heeft meegemaakt,  heeft niet kunnen voorkomen dat zij haar leven lang met vragen rond bleef lopen. Ook had ik niet kunnen bedenken dat deze montere vrouw tot drie keer toe is getroffen door kanker en dat zij in de wetenschap dat er iets levensbedreigends in haar lichaam woekerde, ' s avonds toch weer voor de camera zat en deed alsof er niets aan de hand was.

Dit schrijft zij allemaal op in een vloeiende, meeslepende stijl en een authentieke 'stem', je hoort als het ware Sonja praten. Nergens wordt het melodramatisch, er blijft altijd een lichte ondertoon meelopen in haar zinnen.  Het is niet (alleen) het feit dat zij een bekende Nederlander was en is, dat dit boek zo interessant maakt. Het is ook de manier waarop zij liefdevol maar ook beschouwend en reflectief schrijft over haar familie, haar stiefvader en stiefbroers, haar tweede man en zijn dochters,  haar aanvankelijk onzekere rol als 'stiefmoeder' en vooral hoe zij ondanks alles altijd zielsveel en onvoorwaardelijk van haar moeder is blijven houden.

Ik dacht aanvankelijk over dit boek dat ik al wist wat er in stond voor ik ook maar een letter had gelezen. Dat kwam omdat ik Sonja inmiddels bij elk praatprogramma had zien aanschuiven, waar ze steeds maar weer dat verhaal vertelde van die vader die werd opgehaald en hoe haar moeder daar mede 'schuldig' aan was ('Is uw man thuis? Jazeker!') Het was door een aantal besprekingen die ik van anderen las, dat ik ging vermoeden dat dit toch een ander boek was dan ik in eerste instantie dacht.

Wel zijn er na het lezen een paar vragen bij mij achtergebleven; één is een wat triviale, die mij niettemin toch bezighoud: in het boek is de jonge Sonja een meisje met gitzwart haar, terwijl haar moeder steevast wordt beschreven als een vrouw met een prachtige rode bos haar. Hoe zit dat, heeft ze al die haren haar zwarte haar roodgeverfd (en wilde ze daarmee op haar moeder lijken?) of kwam dat vanzelf toen ze ouder werd? Kan zwart haar opeens rood worden?

Een vraag die Hella zich ook heeft gesteld na haar lezing van de memoire van Hilary Mantel: hoe kan het dat zij zich nog zoveel details weet te herinneren van haar vroege kindertijd? Behalve een paar flarden van beelden, weet ik zelf helemaal niets meer van mijn kindertijd. Of heeft zij dit gereconstrueerd op basis van foto's,  en verhalen van anderen?
Een laatste, zijdelingse, vraag is hoe het kan dat wij (nou ja ik althans) van Theo van Gogh altijd dat beeld hadden van die man die ons, weliswaar op een wat brute wijze, wees op de intolerantie van de islam en daardoor in ons geheugen is blijven voortleven als een geslachtofferde held,  terwijl hij zelf, zoals uit dit boek blijkt, Sonja jaren heeft achtervolgd met de meest erge anti-semitische verwensingen?